Sint-Maartensdijk
Sint-Maartensdijk is een historische plaats aan de zuidzijde van het eiland Tholen. In het dagelijks taalgebruik wordt de plaats vanouds ook wel Smerdiek genoemd. Hoewel Sint-Maartensdijk tegenwoordig meestal als dorp wordt aangeduid, heeft het een stedelijk verleden. In de late middeleeuwen kreeg de plaats stadsrechten en werd het een zogenaamde smalstad.
De geschiedenis van Sint-Maartensdijk is nauw verbonden met de familie Van Borssele, gravin Jacoba van Beieren en later het Huis van Oranje. Het stadje bezat ooit een aanzienlijk kasteel, een haven aan de Pluimpot, verdedigingswerken en stadspoorten. De monumentale Maartenskerk, het oude stadhuis en de historische Markt herinneren nog aan deze rijke geschiedenis.
Van Haestinge naar Sint-Maartensdijk
Sint-Maartensdijk droeg oorspronkelijk de naam Haestinge. Vanaf ongeveer 1250 ontwikkelde zich in de Oudelandpolder een nederzetting op een kreekrug aan de noordwestzijde van de Pluimpot. Deze waterloop werd destijds de Haast-Ee genoemd.
De ontwikkeling van de nederzetting hing nauw samen met het kasteel dat aan de noordzijde lag. De heren van Borssele, een van de machtigste adellijke geslachten van Zeeland, speelden daarbij een belangrijke rol.
In de loop van de vijftiende eeuw raakte de naam Sint-Maartensdijk in gebruik. De naam verwees naar Sint-Maarten, de patroonheilige van de plaatselijke kerk.
De nederzetting ontwikkelde zich dankzij de aanwezigheid van het kasteel, de haven en een markt steeds meer tot een plaats met een stedelijk karakter. Rond 1485 kreeg Sint-Maartensdijk stadsrechten. Het werd daarmee een smalstad: een kleine Zeeuwse stad die wel stadsrechten bezat, maar geen vertegenwoordiging had in de Staten van Zeeland.
De heren Van Borssele
Voor de geschiedenis van Sint-Maartensdijk is de familie Van Borssele van groot belang. In 1353 kwam de heerlijkheid in handen van Floris van Borssele.
Onder de Van Borsseles groeide de betekenis van de plaats. Hun kasteel vormde het bestuurlijke en adellijke middelpunt van de heerlijkheid. Het complex werd in de loop van de tijd uitgebreid tot een van de aanzienlijkste kastelen van Zeeland.
De bekendste bewoner was Frank van Borssele, die in de vijftiende eeuw een van de machtigste edelen van Zeeland was.
Zijn naam is onlosmakelijk verbonden met die van Jacoba van Beieren.
Jacoba van Beieren
Jacoba van Beieren behoort tot de bekendste personen uit de geschiedenis van Sint-Maartensdijk. Zij was gravin van Holland, Zeeland en Henegouwen en speelde een belangrijke rol in de politieke strijd van de vijftiende eeuw.
Jacoba en Frank van Borssele trouwden aanvankelijk in het geheim. In 1433 werd hun huwelijk officieel bevestigd in de kerk van Sint-Maartensdijk.
Het echtpaar verbleef onder andere op het kasteel van Sint-Maartensdijk. Jacoba overleed in 1436, slechts enkele jaren na hun huwelijk. Frank van Borssele overleed in 1470.
De verbondenheid van Frank en Jacoba met Sint-Maartensdijk behoort nog altijd tot de bekendste hoofdstukken uit de plaatselijke geschiedenis.
Het kasteel van Sint-Maartensdijk
Aan de noordzijde van het stadje stond eeuwenlang het Hof van Sint-Maartensdijk. Het kasteel moet een indrukwekkend complex zijn geweest.
In zijn grootste omvang bestond het uit verschillende gebouwen die door grachten waren omgeven. Er waren onder andere een hoofdgebouw, ridderzaal en bijgebouwen. Bij het complex hoorden voorzieningen die nodig waren voor een groot adellijk huishouden.
Na de tijd van de Van Borsseles kwam het kasteel door vererving bij andere adellijke families terecht. Uiteindelijk kwam het bezit via Anna van Egmond, die in 1551 trouwde met Willem van Oranje, in handen van het Huis van Oranje.
Daarmee begon de eeuwenlange band tussen Sint-Maartensdijk en de Oranjes.
Het kasteel verloor later zijn functie en raakte in verval. In 1819 en 1820 werd het complex afgebroken. Daarmee verdween een van de belangrijkste historische gebouwen van het eiland Tholen.
Op het voormalige kasteelterrein vonden in de jaren zestig van de twintigste eeuw archeologische opgravingen plaats. Tegenwoordig herinnert vooral een deel van de voormalige slotgracht nog aan het eens zo omvangrijke kasteel.
Sint-Maartensdijk en het Huis van Oranje
De band met het Nederlandse koningshuis is een bijzonder onderdeel van de geschiedenis van Sint-Maartensdijk.
Door het huwelijk van Anna van Egmond met Willem van Oranje in 1551 kwamen Sint-Maartensdijk en Scherpenisse in handen van de Oranjes. De titel Heer of Vrouwe van Sint-Maartensdijk en Scherpenisse bleef vervolgens met het Huis van Oranje verbonden.
Ook latere Oranjes hadden bemoeienis met hun bezittingen in en rond Sint-Maartensdijk. Prins Frederik Hendrik liet in de zeventiende eeuw onder meer werkzaamheden uitvoeren aan het kasteel en het stadhuis.
Door de eeuwen heen brachten verschillende leden van de koninklijke familie bezoeken aan Sint-Maartensdijk. Een bekend voorbeeld is het bezoek van koningin Wilhelmina, prins Hendrik en prinses Juliana in 1924.
Ook Koninginnedag 1996, toen koningin Beatrix en andere leden van de koninklijke familie Tholen bezochten, leeft bij veel inwoners nog in de herinnering.
De Maartenskerk
De grote Maartenskerk behoort tot de belangrijkste monumenten van Sint-Maartensdijk. De kerk is gewijd geweest aan Sint-Maarten en heeft een geschiedenis die teruggaat tot de middeleeuwen.
Een kerk ter plaatse wordt al in de veertiende eeuw vermeld. Rond 1400 werd het gotische koor gebouwd. In de vijftiende eeuw werd de kerk verder uitgebreid.
Frank van Borssele stichtte er in 1428 een kapittel van kanunniken. De omvang en rijke uitvoering van het kerkgebouw laten zien dat Sint-Maartensdijk in deze periode een plaats van aanzien was.
In de kerk bevinden zich oude grafzerken en grafmonumenten. Een daarvan herinnert aan Floris van Borssele en Oda van Bautersem. Ook bevindt zich er het grafmonument van Cornelis Liens, die in de zeventiende eeuw rentmeester van de Oranjes en drost van Sint-Maartensdijk was.
De toren bezit oude luidklokken en een carillon. Samen met de Markt en het stadhuis bepaalt de kerk in belangrijke mate het historische aanzien van Sint-Maartensdijk.
Het oude stadhuis
Aan de Markt staat het monumentale oude stadhuis. De oorsprong van het gebouw ligt aan het einde van de zestiende eeuw. In 1628 kreeg het stadhuis een nieuwe voorgevel.
Het gebouw herinnert aan de tijd waarin Sint-Maartensdijk een eigen stadsbestuur had. Burgemeesters en andere bestuurders regelden hier eeuwenlang de plaatselijke aangelegenheden.
Na de gemeentelijke herindeling van 1971 kreeg het gebouw opnieuw een belangrijke bestuurlijke functie. Sint-Maartensdijk werd toen onderdeel van de nieuwe gemeente Tholen en het gemeentebestuur van die gemeente werd in Sint-Maartensdijk gevestigd.
Tot 2008 bleef het gemeentebestuur hier zetelen.
Het oude stadhuis vormt samen met de omliggende historische bebouwing en de pomp op de Markt een van de karakteristieke gedeelten van de oude stad.
Markt, straten en vestingwerken
Met het verkrijgen van stedelijke rechten kreeg Sint-Maartensdijk ook meer het aanzien van een stad. Rond de plaats werden wallen en poorten aangelegd.
Binnen deze begrenzing lagen de kerk, Markt, woningen, winkels en werkplaatsen. Straatnamen en het stratenpatroon herinneren op verschillende plaatsen nog aan deze oude situatie.
De stadsmuren, wallen en poorten zijn uiteindelijk verdwenen. Rond 1900 werden de laatste delen van de oude omwalling geslecht.
Ondanks deze veranderingen heeft de historische kern haar bijzondere karakter behouden. Sint-Maartensdijk is dan ook aangewezen als beschermd stadsgezicht.
De haven en de Pluimpot
Sint-Maartensdijk had eeuwenlang een haven die via de Pluimpot in verbinding stond met de Oosterschelde. Deze ligging aan het water was belangrijk voor de ontwikkeling van de plaats.
Via de haven konden landbouwproducten en andere goederen worden aangevoerd en afgevoerd. Schippers, handelaren en ambachtslieden maakten gebruik van de verbinding met het buitenwater.
De haven maakte Sint-Maartensdijk daarmee tot meer dan alleen het centrum van een landbouwgebied. Het water bood mogelijkheden voor handel en vervoer.
Maar de Pluimpot vormde tegelijkertijd een gevaar. Bij storm en hoogwater kon het zeewater diep het eiland binnendringen.
De Watersnoodramp van 1953
Tijdens de Watersnoodramp van 1 februari 1953 bleek opnieuw hoe kwetsbaar Sint-Maartensdijk voor het water was. Een groot deel van de plaats en het omliggende gebied kwam onder water te staan.
De ramp had grote gevolgen voor de inwoners, woningen, boerderijen en landbouwgronden.
Na de ramp werd besloten de bescherming tegen het buitenwater sterk te verbeteren. In 1957 werd de Pluimpot bij Gorishoek afgesloten.
Daarmee kwam een einde aan de open verbinding tussen Sint-Maartensdijk en de Oosterschelde. De eeuwenoude haven verloor zijn functie. In 1962 werden de haven en de laatste stadsgrachten gedempt.
Het landschap rond Sint-Maartensdijk veranderde daardoor ingrijpend.
Landbouw en dagelijks leven
Ondanks zijn stedelijke verleden bleef Sint-Maartensdijk sterk verbonden met de landbouw. De vruchtbare kleigronden rondom de plaats boden goede mogelijkheden voor akkerbouw.
Boeren en landarbeiders vormden eeuwenlang een belangrijk deel van de bevolking. Graan, aardappelen, suikerbieten en andere gewassen werden in de omliggende polders verbouwd.
Sint-Maartensdijk vervulde daarnaast een verzorgende functie voor de omgeving. Er waren winkels, bakkers, slagers, cafés en allerlei ambachtslieden. Smeden, timmerlieden, schilders, schoenmakers en andere vaklieden vonden er hun bestaan.
De wekelijkse markt speelde eveneens een rol in het economische en sociale leven.
In de twintigste eeuw veranderde dit patroon. De landbouw mechaniseerde, het vervoer werd gemakkelijker en steeds meer inwoners gingen buiten de eigen plaats werken. Veel kleine winkels en ambachtelijke bedrijven verdwenen.
Het Kapoenhof
Een bijzonder historisch gebouw in de omgeving is het Kapoenhof, ook bekend als het Sint-Maartenshof. Het ligt tussen Sint-Maartensdijk en Scherpenisse.
De oorsprong ervan ligt in de vijftiende eeuw en wordt in verband gebracht met Frank van Borssele. Bij het hof hoorde vroeger ook een kapel.
Het Kapoenhof is een herinnering aan het middeleeuwse Sint-Maartensdijk en aan de invloed die de heren Van Borssele op de omgeving hadden.
Een bijzondere vondst in de Blauwstraat
Ook onder de grond zijn sporen van het verleden teruggevonden. Een spectaculair voorbeeld vond plaats in 1980.
Tijdens graafwerkzaamheden in de Blauwstraat werd een beschadigd kruikje aangetroffen met daarin 387 gouden munten. De munten waren eeuwen eerder verborgen en vormden samen een bijzondere muntschat.
Dergelijke vondsten maken duidelijk dat archeologie een belangrijke aanvulling vormt op geschreven bronnen. Onder straten, huizen en akkers kunnen nog altijd resten aanwezig zijn die iets vertellen over vroegere bewoners.
Bekende personen
Met Sint-Maartensdijk zijn verschillende historische personen verbonden. De bekendsten zijn zonder twijfel Frank van Borssele en Jacoba van Beieren.
Ook Anna van Egmond neemt een belangrijke plaats in. Door haar huwelijk met Willem van Oranje kwamen de heerlijkheden Sint-Maartensdijk en Scherpenisse in handen van het Huis van Oranje.
Een bekende naam uit veel later tijd is Keetie van Oosten-Hage. Zij groeide uit tot een van de succesvolste Nederlandse wielrensters van haar generatie en werd onder andere wereldkampioene op de weg.
Zo kent Sint-Maartensdijk zowel uit de middeleeuwse geschiedenis als uit de moderne tijd personen die tot ver buiten Tholen bekend werden.
Sint-Maartensdijk door de eeuwen heen
Sint-Maartensdijk neemt binnen de geschiedenis van het eiland Tholen een bijzondere plaats in. Wat begon als de nederzetting Haestinge ontwikkelde zich tot een kleine stad met een kasteel, kerk, markt, haven, stadhuis en verdedigingswerken.
De heren Van Borssele, Frank van Borssele en Jacoba van Beieren en later het Huis van Oranje gaven de plaats een geschiedenis die verder reikt dan het eiland Tholen.
Veel is verdwenen. Het grote kasteel werd afgebroken, de stadspoorten en wallen verdwenen en na de afsluiting van de Pluimpot ging ook de oude haven verloren.
Andere elementen bleven behouden. De Maartenskerk, het oude stadhuis, de Markt, historische woningen, het stratenpatroon en het voormalige kasteelterrein houden de herinnering aan het verleden levend.
Samen met oude foto’s, kaarten, archiefstukken, archeologische vondsten en de verhalen van inwoners vormen zij de heemkundige geschiedenis van Sint-Maartensdijk – of, zoals de plaats voor velen nog altijd heet: Smerdiek.